Beginpagina
Introductie
Fanf

Link naar de ledensite (alleen voor NVLR-leden)

Verenigingsinformatie

Boekenhoek
Fiscaal/Jur. pag.
Nieuws
In de regio
Links

Neem per e-mail contact op met



Het weer in de Languedoc- Roussillon:

[het weer]


[NVLR]

Erf- en Schenkingsrecht deel 1 en deel 2

NIEUWS VAN HET FRANSE FISCALE FRONT deel 1(DOOR ISABELLE FLIPSE)
UIT FANFARE DECEMBER 2007

" Confiance, croissance, emploi. " Dat is de leus bij de in rap tempo door de Assemblée Nationale en de Senaat geloodste " LOI n° 2007-1223 du 21 août 2007 en faveur du travail, de l'emploi et du pouvoir d'achat " , afgekort tot TEPA en inmiddels algemeen bekend als het " paquet fiscal ". Het paquet omvat tien ingrijpende fiscale maatregelen, kost de Franse schatkist alleen al in 2008 een slordige € 10 miljard aan wegvallende belastinginkomsten en zal de geschiedenis ingaan als de snelle inlossing van een van de belangrijkste verkiezingsbeloften van Nicolas Sarkozy.

De regering, met name bij monde van Sarkozy, minister-president François Fillon en Christine Lagarde (minister van economie, financiën en werkgelegenheid) verwachten deze investering echter ruimschoots en op meerdere fronten terug te verdienen: 's-Lands economische groei krijgt immers een forse impuls, die zal resulteren in een bloeiende werkgelegenheid, wat vervolgens een toenemende koopkracht oplevert. Een nobele visie ? De toe-komst zal uitwijzen wie het gelijk aan zijn zijde heeft. Sarko cum suis, of de opositie, die vindt dat de maatre-gelen veel te duur zijn en dat eerst en vooral de rijken weer bevoordeeld worden.

De kritiek van de oppositie ten spijt ligt het voor de hand dat toch een heleboel 'mannen (m/v) in de straat' vooralsnog content zullen zijn met het paquet fiscal. Zo zal overwerk niet langer extra belast worden, mogen studenten jaarlijks bijna vierduizend euro belastingvrij gaan bijverdienen en wordt er zelfs een (beperkte) hy-potheekrenteaftrek ingesteld, onder meer teneinde het percentage koopwoningen te verhogen. Men kan ver-wachten dat de koopkracht op korte termijn profiteert van deze maatregelen.

Voor het merendeel van de Nederlanders in Frankrijk zal slechts een klein deel van de veranderingen effect hebben. Zij zijn veelal geen fiscaal ingezetene van Frankrijk, doch hebben slechts belang(en) in de vorm van onroerende zaken. Ik beschrijf hier dan ook niet alle details, maar licht de maatregelen nader toe die betrekking hebben op schenkings- en erfrecht, wat in geval van onroerende eigendommen in Frankrijk immers een rol speelt. Daarover is echter ook - zelfs in het bijzonder - veel te doen!

Son Excellence Lagarde benadrukt namelijk dat een van de belangrijkste wijzigingen de afschaffing van bijna alle successiebelastingen voor levenspartners betreft. Ook de regelingen voor het schenkingsrecht zijn vrien-delijker geworden. De gedachte is dat vruchten van ieders arbeid op een veel gunstiger manier moeten kunnen overgaan op levenspartners; bij leven zowel als na overlijden.

Bewust gebruik ik hier het woord 'levenspartners'. Wat namelijk niet nadrukkelijk wordt vermeld maar wat ik eigenlijk des te opzienbarender vind is, dat de onbeperkte vrijstelling voor hetgeen men aan zijn/haar partner nalaat niet alleen voor echtparen geldt maar nu ook voor ongehuwde partners die samenleven onder een Franse samenlevingsovereenkomst (Pacte Civil de Solidarité - PACS). Deze emancipatoire ontwikkeling is op-zienbarend en voor veel Nederlanders erg plezierig. Gepacseerden (wat is dat toch een lelijk woord) moesten tot nog toe immers behoorlijk complexe en kostbare kunstgrepen toepassen om elkaar op een enigszins be-taalbare wijze Franse vermogensbestanddelen na te laten.

Tot slot: ook aan de kinderen is gedacht. Zij profiteren van de verdrievoudiging van de persoonlijke aftrek op de schenkings-/successiebelasting. Deze bedraagt nu 150.000 euro. Aldus zou bijvoorbeeld een echtpaar met drie kinderen € 900.000 ineens en vrij van schenkingsrecht aan het kroost kunnen overdragen.

Lagarde stelt: "(…) 95% van de erfenissen gaat aldus over op de erfgenamen, zonder dat de Staat er één enkele euro van afneemt". Voorwaar geen halve maatregelen…

Al die maatregelen… te mooi zijn om waar te zijn? Daar zit wat in. Zeker voor hen die door de fiscus nog als ingezetene van Nederlander worden beschouwd. Want vergeet niet om na te gaan of er in Nederland nog belasting verschuldigd is. Er bestaat, zoals u als trouwe Fanfarelezer inmiddels weet, tussen Nederland en Frankrijk immers geen verdrag ter voorkoming van dubbele belasting. Wel zal de Nederlandse fiscus de reeks in Frankrijk betaalde belastingen aftrekken van hetgeen in Nederland te betalen is. Daarbij komt dat de belas-tingtarieven bij schenking en vererving in Nederland over het algemeen wat milder zijn, zodat dankzij de wet TEPA ook de meeste Nederlanders er per saldo beter van af komen.

Het voor u liggende artikeltje is deels geschreven in nauw overleg met Maître Michiel van Seggelen, notaris te Grenoble. Ik werk al jaren met hem samen bij de behandeling van dossiers van Nederlandse cliënten, voorna-melijk op het gebied van erfrecht en successie-planning. Me Van Seggelen is in Frankrijk geboren maar is - zoals zijn naam al doet vermoeden - van Nederlandse origine. Met het oog op de wet TEPA zet ik de voor de meeste Nederlanders belangrijkste onderwerpen op een rij en geef aansluitend een rekenvoorbeeld.

Omdat ik naast dit 'TEPA-tumult' toch ook een paar andere zaken het vermelden waard vind, volgt na het eer-ste onderdeel van dit stukje over de TEPA/paquet fiscal, een tweetal paragrafen te weten: - de afschaffing van het voorbehouden erfdeel van ouders;
- de positie van Frankrijk ten aanzien van het homohuwelijk;

Enkele belangrijke aspecten van de op 22 augustus 2007 inwerking getreden wet TEPA.

I. Voor echtgenoten en partners met een Frans samenlevingscontract (PACS) Sinds 22 augustus is, zoals gezegd, de eigendomsovergang tussen echtgenoten of partners met een (juist geredigeerd) Franse samenlevingscontract, door overlijden, volledig vrijgesteld van heffing van successie-rechten. Schenkingen tussen echtgenoten of tussen partners met een PACS blijven belastbaar, maar de vrijstelling van € 76.000 geldt nu voor zowel echtparen als 'gepacseerden'. Tót 22 augustus genoten partners met een PACS een aanzienlijk lagere vrijstelling. Let wel: het voordeel van deze aftrek komt in het geding wanneer de PACS in de loop van het kalenderjaar van de afsluiting alweer eindigt of in de loop van het volgende jaar vanwege een andere reden dan een huwelijk tussen beide partners, of het overlijden van een van hen. Dit mede om misbruik van deze ruimere fiscale voorziening te voorkomen.

II. Kinderen en ouders (na- en voorgeslacht; 1e graads bloedverwant, in rechte lijn): De vrijstelling voor giften en bij nalatenschappen tussen ouders en kinderen (in zowel opgaande als dalende lijn) is verdriedubbeld, tot een bedrag van € 150.000.

III. Kleinkinderen - grootouders (na- en voorgeslacht; 2e graads, in rechte lijn): De situatie van de kleinkinderen blijft ongewijzigd. Wanneer een ouder overlijdt vóór de grootouder, dan treedt het kleinkind - of de kleinkinderen gezamenlijk - in de plaats van zijn of hun vooroverleden ouder. Dientenge-volge worden de kleinkinderen fiscaal behandeld als één 'gewoon kind'. Een voorbeeld: Meneer Dupont overlijdt en had tijdens leven twee kinderen: Jean en Pierre na. Pierre was echter al vóór zijn vader overleden. Pierre liet daarbij drie kinderen na: Sophie, Lea en Anne. De vrijstellingen zijn als volgt.
1. Jean heeft - als kind van M Dupont - recht op een vrijstelling van €150.000;
2. Sophie, Lea en Anne, de drie kleinkinderen van M Dupont, treden tezamen in de plaats van hun over-leden vader Pierre en hebben gezamenlijk recht op diens vrijstelling van € 150.000. Voor ieder geldt dus een vrijstelling van € 150.000 / 3 = € 50.000.

IV. Tussen broers en zussen (2e graads, in zijlijn): Het erfdeel van iedere broer of zus, waarbij het kan gaan om vrijgezellen, weduwnaars/ weduwen of van tafel en bed gescheidenen, is bij overlijden vrijgesteld, mits wordt voldaan aan de dubbele voorwaarde:
- de begunstigde (nabestaande) is op het moment waarop diens/haar broer of zus overlijdt zelf ouder dan 50 jaar of heeft een handicap waardoor het hem/haar onmogelijk is om door werk in zijn/haar? levensonder-houd te voorzien EN
- de begunstigde woonde gedurende de vijf jaren voorafgaand aan het overlijden van diens/haar broer of zus onafgebroken samen met de overledene. Kan op bovenstaande vrijstelling geen beroep worden gedaan dan hebben broers en zusters recht op een af-trek van € 15.000 per persoon. Dit bedrag is ten opzichte van de oude situatie eveneens verdriedubbeld.

V. Overige situaties (i.c. 4e graads, in zijlijn): Neven en nichten profiteren in het geval van een schenking of successie van een aftrek van € 7.500 ieder; dat betekent een verhoging van 50% ten opzichte van de oude situatie.

Afschaffing algemene aftrek
De algemene aftrek van € 50.000 waarvan de interpretaie vaak voor problemen zorgde, is geheel komen te vervallen.

Schenkingen in geld
Een schenking in geld die volledig ten goede komt aan een kind, (achter)kleinkind of (bij gebrek aan dergelijke nakomelingen) aan een neef of nicht is tot € 30.000 vrijgesteld van schenkingsrecht. Hierbij geldt wel de voor-waarde dat de schenker ten tijde van de schenking jonger moet zijn dan 66 èn de begunstigde ouder dan 18 jaar. Deze aftrek van € 30.000 mag telkens worden geteld bij de aftrek zoals hiervoor in de situaties I tot en met V is vermeld

Een rekenvoorbeeld: De heer en mevrouw Q, beiden 68 jaar en gehuwd zijn samen eigenaar van een tweede huis in Frankrijk, met een waarde van 800.000 euro; ieder dus voor 400.000 euro eigenaar. De Q's hebben twee kinderen, aan wie zij de woning willen overdragen - uiteraard tegen betaling van zo min mogelijk belasting.

Situatie tot 22 augustus 2007 Het echtpaar Q schenkt de blooteigendom van de woning aan de kinderen. Zelf houden meneer en mevrouw het vruchtgebruik. Over een dergelijke constructie schreef ik al eerder in Fanfare. Het schenkingsrecht werd als volgt berekend:

Waarde woning € 800.000
Waarde blooteigendom (60% ) € 480.000
Vader schenkt aan ieder kind (480.000 / 2 / 2) € 120.000
Moeder schenkt aan ieder kind (480.000 / 2 / 2) 120.000
 Ieder kind is over het van iedere ouder ontvangen deel verschuldigd:
Ontvangen schenking € 120.000
Forfaitaire aftrek € 50.000 -/-
Belastbare verkrijging € 70.000
Verschuldigde schenkingsrecht (in F, conform tabel) € 12.300

Vader en moeder schenken ieder € 120.000 aan hun twee kinderen, zodat in totaal viermaal 12.300 euro, dus € 49.200 aan de Franse fiscus zal moeten worden afgedragen.

Situatie sinds 22 augustus 2007 Uitgaande van dezelfde casus en onder toepassing van de nieuw fiscale regels besparen de kinderenQ zich een kleine 50.000 euro; kijkt u maar:

Ieder kind is over het van vader ontvangen deel verschuldigd:

Ontvangen schenking € 120.000
Aftrek € 50.000 -/-
Belastbare verkrijging € 0

Ieder kind is over het van moeder ontvangen deel verschuldigd:

Ontvangen schenking € 120.000
Aftrek € 50.000 -/-
Belastbare verkrijging € 0

De rekenwonders onder u becijferden reeds dat het in Frankrijk af te dragen bedrag aan schenkingsrecht zo-doende nihil is… Wel wijs ik hierbij nog even op mijn opmerking over de mogelijk nog van de Nederlandse fis-cus te verwachten aanslagen.

Tot zover de toelichting op de grootste actuele wijzigingen in het Franse fiscale stelsel. Aarzelt u niet om mij (alsdan bij voorkeur per e-mail) te benaderen met uw vragen of opmerkingen.

Afschaffing van het voorbehouden erfdeel van ouders.
Sinds 1 januari 2007 geldt dat de vader en moeder van een overleden persoon niet meer de reservataire (legitimaris) erfgenamen zijn. Derhalve kan de overledene, bij afwezigheid van een nakomeling, bij testament beschikken over het totaal van zijn of haar goederen ten gunste van een derde, of van zijn of haar langst-levende echtenoot of echtgenote.

De positie van Frankrijk ten aanzien van het 'homohuwelijk': Een huwelijk dat in het buitenland is gesloten moet, om in Frankrijk te kunnen worden erkend, geldig zijn vol-gens zowel het recht van de plaats van de huwelijkssluiting als ook het persoonlijk recht van beide (toekomsti-ge) echtelieden die hiervan de inhoudelijke voorwaarden regelen. Bij het huwelijk wordt ervan uitgegaan dat het persoonlijk recht van ieder van de toekomstige echtelieden dit toestaat.

Dit impliceert dat twee Franse heren of twee Fransen dames in het buitenland niet rechtsgeldig kunnen huwen; ook niet wanneer de wetgeving van de plaats van de huwelijkssluiting dit huwelijk wèlerkent. Hun persoonlijke wet verbiedt hen dit immers. Hetzelfde geldt voor een in het buitenland gesloten huwelijk tussen een Fransman en een buitenlander van hetzelfde geslacht.

Kortom: voor Franse homosexuele mannen of vrouwen, noch voor een Franse en een (bijvoorbeeld) Neder-landse partner biedt een trip naar bijvoorbeeld Nederland, waar het homohuwelijk wel geldt, geen soelaas.

In de overige gevallen staat jurisprudentie het toe om rekening te houden met verbintenissen (lees; homo-huwelijken) zoals ze regelmatig worden aangegaan in andere landen dan Frankrijk . Dit geldt dus ook voor verbintenissen die nietig zouden zijn indien ze in Frankrijk gesloten waren. Derhalve, onder voorbehoud van de soevereine beoordeling van de rechters, kan een homohuwelijk dat wettig gesloten is in het buitenland tussen twee personen met een buitenlandse nationaliteit uitwerking hebben in Frankrijk, met name in vermogens-rechterlijk en erfrechtelijk opzicht.

Hoe dit kan uitwerken voor bijvoorbeeld een Nederlands homostel beschreef ik ongeveer een jaar geleden in een column voor het magazine Leven in Frankrijk. Gemakshalve herhaal ik die tekst hieronder, waarbij een en ander uiteraard waar nodig is aangepast op de actualiteit van de wet TEPA.

Sinds 2001 kent Nederland de wet Openstelling Huwelijk (het 'homohuwelijk'). Recentelijk is in Frankrijk beslist dat het homohuwelijk onder voorwaarden wordt gerespecteerd.
De Nederlanders Jasper en Jeroen huwen in 2004 in Utrecht. Verliefd als ze al zijn, worden ze dat tij-dens hun huwelijksreis ook op een beeldig landhuisje bij Sarlat. Vóór de koop informeren ze naar de gevolgen in Frankrijk van hun huwelijk.

De heren willen bijvoorbeeld dat als één van hen overlijdt, de langstlevende de volledige eigendom van het Franse huis verkrijgt. Omdat - ongeacht de samenlevingsvorm - de eigendomsoverdracht van Franse onroerende zaken, door verkoop, schenking of vererving, onder Frans recht valt, is dat niet gemakkelijk. Laat staan wanneer de Franse notaris wordt geconfronteerd met zo'n 'buitenlandse mo-derniteit'…

Aangezien het hier echter gaat om een in Nederland en tussen Nederlanders gesloten huwelijk, zal 'Frankrijk' het accepteren. Dit biedt mogelijkheden de nalatenschap veel beter te regelen. Voorheen moesten homoseksuelen bijvoorbeeld het traject bewandelen van de Franse samen-levings-over-een-komst (PACS) met testament en/of oprichting van een SCI. Nu wijken de civiel- en fiscaalrechtelijke implicaties in Frankrijk nauwelijks nog af van die bij een huwelijk tussen hetero-seksuelen.

[ de volgende alinea's zijn op de actualiteit van de wet TEPA aangepast - IF ]

Voor wat betreft de successiebelasting maakt het sinds de inwerkingterding van de wet TEPA niet meer uit of er sprake was van een (buitenlandse homo-)huwelijk tussen Jasper en Jeroen of een (cor-rect geredigeerd) PACS. Jasper of Jeroen zal na overlijden van één van beiden, volledige vrijstelling van successiebelasting genieten.

Voor 'ons' echtpaar kan het voorts interessant zijn om ten aanzien van het Franse huis, in Frankrijk een zogenoemde rechtskeuze uit te brengen naar Frans recht, zodat de woning valt onder Frans hu-welijksvermogensrecht. Deze " mise en communauté universelle avec clause d'attribution " bewerk-stelligen zij via een (Franse) notariële akte. Op de andere (on)roerende goederen blijven hun huwelijk-se voorwaarden naar Nederlands recht van toepassing. Verder nemen ze in de akte een clausule op, houdende dat bij overlijden van één van beiden, de langstlevende de eigendom van de Franse onroe-rende zaken verkrijgt (uiteraard zonder successierecht, maar ook zonder overdrachtsbelasting ver-schuldigd te zijn). Wel dienen op die zaken rustende vorderingen te worden voldaan. Voordeel is dat de langstlevende de volledige eigendom verkrijgt en volledig beschikkingsbevoegd wordt. Wanneer echter de overledene al kinderen had met een ander dan zijn huidige man, zal de langstlevende aan hen hun legitieme portie moeten uitbetalen. Geconcludeerd mag worden dat er veel ten goede is veranderd. Aangezien echter vrijwel iedere situa-tie uniek is, blijft het zaak om zich tijdig te informeren.

Terug naar Fiscaal-Juridisch Nieuws

 

Terug naar Fiscaal-Juridisch Nieuws

NIEUWS VAN HET FRANSE FISCALE FRONT deel 2 (DOOR ISABELLE FLIPSE)
UIT FANFARE MAART 2008

In de « Fanfare » van oktober 2007 kon u mijn artikeltje Groot nieuws van het Franse fiscale front lezen (1), gewijd aan de op 22 augustus 2007 in Frankrijk inwerking getreden « Loi […] en faveur du travail, de l'emploi et du pouvoir d'achat », afgekort TEPA, die onder meer verruimde vrijstelling inhoudt bij
1. schenking van ouders aan kinderen en
2. bij erfrechtelijke verkrijging door kinderen van ouders.


In de daarbij gegeven rekenvoorbeelden verwees ik naar aanslagen die men mogelijk nog van de Nederlandse fiscus moest verwachten. Daar ga ik ditmaal nader op in.
Ik heb bij het schrijven van dit stukje ruimschoots gebruik mogen maken van de kennis van Mr R. Batema, als estate planner verbonden aan Van der Stap Notarissen te Rotterdam en Arnhem. Als uitgangspunt hanteer ik hier de zelfde casus als in oktober 2007 namelijk:
De heer en mevrouw Q, beiden 68 jaar en gehuwd, zijn samen eigenaar van een tweede huis in Frankrijk, welk huis een totale waarde heeft van € 800.000. De Q's hebben twee kinderen (37 en 35 jaar), aan wie zij de woning willen overdragen, maar wel onder de voorwaarde dat ieder der ouders tot zijn of haar overlijden het huis mag blijven gebruiken. Mijnheer en mevrouw Q dragen het huis aan hun beide kinderen om niet (‘gratis’) over, waarbij zij zich het vruchtgebruik voorbehouden. Beide kinderen krijgen bijgevolg de blote eigendom
In Frankrijk geldt sinds 22 augustus 2007 dat iedere ouder aan ieder van zijn/haar kinderen, eens in de zes jaar een belastingvrije schenking mag doen ter waarde van € 150.000. Voor de ouders Q geldt dus het volgende:
Het 50%-aandeel van mevrouw Q in de gezamenlijke eigendom heeft een waarde van € 400.000. Het aandeel van mijnheer is uiteraard evenveel waard. Mevrouw en mijnheer hebben twee kinderen aan wie zij ieder € 150.000 belastingvrij mogen overdragen.
Het totale bedrag dat belastingvrij mag worden overgedragen beloopt € 600.000,
zie schema:

    kind 1   kind 2    
    ontvangt   onvangt    
mevrouw schenkt 150.000 + 150.000 = 300.000
             
mijnheer schenkt 150.000 + 150.000 = 300.000
        Totaal   600.000

Omdat de eigendom van het onderwerp van schenking werd gesplitst in de blote eigendom en het vruchtgebruik zal de heffingsvrije voet niet eens worden overschreden. In mijn artikel van oktober 2007 was de waarde van de totale blote eigendom namelijk berekend op 60% van de volledige eigendom, dus € 480.000. De belastingvrij over te dragen waarde overstijgt dat bedrag ruim¬schoots, zodat de kinderen tezamen, belastingvrij de gehele blote eigendom mogen ontvangen.

Vruchtgebruik
Het recht van vruchtgebruik is een recht, dat in dit geval eindigt bij het overlijden van de langstlevende van de echtgenoten Q. De splitsing vruchtgebruik/blote eigendom houdt bij dat overlijden dan ook op te bestaan. Door vererving ‘promoveert’ de blote eigendom – belastingvrij in Frankrijk – tot volle eigendom en zo worden de kinderen, zonder een euro Frans schenkings- en/of successierecht te hoeven betalen, samen eigenaar van het Franse huis.

Maar wat gebeurt er nu ter zake van deze (rechts)handelingen in Nederland?
Tijdens de schenking wonen de ouders Q in Nederland. Voor dit voorbeeld veronderstellen we dat ze – nog steeds in Nederland woonachtig – gelijktijdig overlijden. De Nederlandse belastingwetgeving speelt hierbij a priori een rol. Anderzijds heeft Frankrijk in beginsel ook heffingsrechten; het huis dat geschonken wordt ligt immers in Frankrijk.

Dan hebben dus zowel Nederland als Frankrijk het recht om schenkingsbelasting te heffen en daardoor zou dubbele heffing ontstaan. Een verdrag ter voorkoming van dubbele schenkings- en/of successierechten bestaat tussen beide landen nog niet.
Omdat het huis in Frankrijk staat, erkent Nederland wel dat Frankrijk een sterker heffingsrecht heeft. ‘Nederland’ verleent onder voorwaarden een vermindering van de in Nederland verschuldigde belasting; dit echter allemaal op basis van Nederlandse regelgeving.

Deze regelingen zijn zeer complex en ik ga daar in dit korte bestek niet verder op in. Ik onderstreep wel dat in dit kader van belang is dat als er, ongeacht om welke reden, géén sprake is van dubbele belasting, Nederland ook geen tegemoetkoming geeft.

Verder zijn twee andere zaken van belang:

1. Wanneer ouders gezamenlijk of ieder afzonderlijk binnen een kalenderjaar aan een kind schenken dan worden in Nederland – anders dan in Frankrijk – die verkrijgingen bij elkaar opgeteld en als één verkrijging beschouwd. Zodoende kan slechts eenmaal van de (eventuele) vrijstelling worden geprofiteerd. Bovendien zal veelal een hoger tarief wordt gehanteerd dan indien beide verkrijgingen afzonderlijk belast zouden worden.

2. Ingewikkelder is dat volgens de Nederlandse belastingwet het hierboven beschreven promo¬veren van blote eigendom tot volle eigendom, wèl als een belaste verkrijging wordt gezien.

Mochten de kinderen destijds voor de blote eigendom betaald hebben, dan strekt dat (met rente) tot mindering op de verkrijging. Wordt er echter – zoals in ons geval – geschonken, dan komt alleen het Nederlandse (en niet het eventuele Franse) schenkingsrecht in mindering op het successierecht dat in Nederland over de waarde van de volle eigendom verschuldigd is.

Een pleister op de wonde kan zijn dat onder omstandigheden bij de aangifte mag worden uitgegaan van de waarde van het huis op het moment van de schenking, die meestal lager zal zijn dan de waarde ten tijde van het overlijden.

Terug naar onze casus:
Ouders Q, zoals gezegd beiden 68 jaar, schenken de blote eigendom van hun Franse huis aan hun beide kinderen.
De Nederlandse maatstaven bij de waardering daarvan wijken af van de Franse en resulteren in een blote-eigendomswaarde van het huis 40% van € 800.000, ofwel € 320.000. De kinderen verkrijgen dus ieder € 160.000. Gezien de leeftijd van de kinderen (35 en 37) geldt niet de eenmalig verhoogde vrijstelling die kinderen tot hun 35e genieten. Het per kind in Nederland verschuldigde schenkingsrecht (2) bedraagt dan € 18.200. U las al dat in Frankrijk géén schenkingsrecht verschuldigd is. ‘Bij gebreke aan dubbele belasting’ zal de Nederlandse fiscus dan het volle pond heffen.

Ook wanneer later de beide ouders overlijden constateert de Nederlandse fiscus een voor het successierecht belastbaar feit. De Franse fiscus ziet dat anders: dat land heft niet ter zake van het overlijden van de ouders Q. Van dubbele heffing is ook hier geen sprake. Met andere woorden: Nederland heft en hoeft zich van Frankrijk niets aan te trekken.

Voor de heffing in Nederland gaat de belastingdienst uit van een verkrijging in Frankrijk van € 200.000 per kind per ouder, zijnde de volle, vrije waarde van het huis ten tijde van de schenking aan de kinderen van de blote eigendom.

Wat de kinderen over die verkrijging in Nederland verschuldigd zijn is afhankelijk van wat zij krachtens erfrecht nog meer verkrijgen.

Stel dat de ouders bij hun overlijden niet méér vermogen hebben dan het huis in dit voorbeeld, dan betaalt ieder kind in verband met zijn fictieve (3) verkrijging aan de Nederlandse schatkist € 51.400 minus € 18.200 die over de eerdere schenking al betaald werd, dus € 33.200. De verkrijging van het (halve) Franse huis heeft ieder kind zodoende uiteindelijk € 51.400 aan belasting gekost.

Mochten de ouders naast het huis wel meer vermogen hebben gehad – stel twee miljoen euro – en dat hele vermogen vererft naar beide kinderen, dan zijn de kinderen over ieders totale verkrijging van € 700.000 per ouder, een bedrag van € 134.400 aan successierecht verschuldigd. Gemiddeld is dat circa 19,2%. De fictieve verkrijging van het huis zou in dat bedrag van € 268.800 uitgemaakt hebben: € 76.800, verminderd met € 18.200 aan eerder betaald schenking¬srecht is € 58.600. Uiteindelijk heeft de verkrijging van het (halve) Franse huis, ieder kind in dit geval € 76.800 gekost.

Nogmaals: in Frankrijk zou hierover dankzij de inwerkingtreding van de Loi tepa niets verschuldigd zijn geweest.

Conclusie
Het is spijtig dat we uit het bovenstaande weinig anders kunnen opmaken dan dat de genereuze verhoging van de vrijstellingen bij schenkings- en successierecht in Frankrijk, de Nederlandse eigena¬ren van Franse huizen niet baat. Hoogste tijd dus, dat Nederland en Frankrijk nu eindelijk eens werk maken van een verdrag ter voorkoming van dubbel schenkings- en successierecht.


(1) op mijn website www.isabelleflipse.nl en op die van de fanf, www.fanf.fr terug te lezen en af te drukken.
(2) alle belastingbedragen luiden hier ‘circa’, zijn voor de leesbaarheid afgerond op honderdtallen en zijn gebaseerd op de tarieven van 2008
(3)‘fictief’ namelijk alleen voor het successierecht; civielrechtelijk verkrijgt het niets; bezit namelijk al de helft van het huis

In de volgende « Fanfare » wil ik op enkele mogelijkheden nader ingaan. .

Terug naar Fiscaal-Juridisch Nieuws