|
Link naar de ledensite (alleen voor NVLR-leden) Verenigingsinformatie
Neem per e-mail contact op met
|
|
|||||||||
|
|
door Rob van Doorn Je kunt mij nu niet bepaald een Elvis Presley-fan noemen. Vijfenvijftig jaar geleden, in mijn pubertijd, was dat wel anders. Ik had toen het gevoel dat zijn muziek mijn leven veranderde. Elvis had de rock-‘n-roll uitgevonden en dat was niet alleen een nieuw soort muziek, dat was een totaal andere manier van leven. Weg met die duffe vijftiger jaren mentaliteit en weg met die slappe ballroommuziek! Jammer dat Elvis na een aantal jaren afzakte naar het middle-of-the-road genre. Maar de rock-‘n-roll uit zijn beginperiode heb ik nog steeds in mijn hart gesloten. Ik schrok mij dan ook rot toen ik op 16 augustus 1977
op de autoradio hoorde dat de King of Rock-‘n-Roll dood in zijn
badkamer was aangetroffen. Ik was op weg naar mijn werk in Rotterdam
en reed net voor de Heinenoordtunnel. Ik wist dat er in de tunnel geen
radio-ontvangst was en ik wilde natuurlijk meer horen over de dood van
mijn vroegere idool. Op het nippertje kon ik voor de tunnel de laatste
afrit naar het tankstation inrijden. Ik heb daar bij dat tankstation
misschien twee minuten gestaan, beslist niet langer. Het nieuws was
nog zo vers dat er nauwelijks andere informatie beschikbaar was dus
ging ik maar weer snel op weg naar mijn werk. Maar deze twee minuten
bij dat tankstation hebben toen mijn leven gered. In al die jaren heb ik nooit meer aan dit voorval gedacht totdat ik vorig jaar een affiche zag waarop een herdenkingsconcert voor de drieëndertigste sterfdag van Elvis werd aangekondigd. Een Franse Elvis en zijn band zouden in de wijngaard van een bekend domaine, ergens bij ons in de omgeving, optreden. Toen ik dat las, realiseerde ik me dat ik door zijn dood drieëndertig prachtige jaren had kunnen meemaken. Dat moest ik maar eens met gepaste eerbied herdenken en ik bestelde kaartjes voor het evenement. Eerst zou er een ‘dégustation’ van de wijnen van het domaine zijn, daarna het concert en tot besluit een maaltijd. Bij aankomst bleek de gerooide wijngaard, die als parkeerplaats
diende, al propvol te staan en moest ik mijn auto op grote afstand langs
de toegangsweg parkeren. Ik was net uitgestapt of het begon te regenen.
Niet zo maar een buitje, de regen viel met bakken uit de hemel en het
bliksemde en donderde alsof het einde der tijden was aangebroken. Iedereen
vluchtte naar de wijncave om te schuilen. Daar stonden we dan, samengeperst
als haringen in een ton en het bleef maar regenen en onweren. De organiserende
‘vigneron’ riep dat, zolang het regende, het concert niet
kon beginnen. De elektronische apparatuur was niet bestand tegen de
regen maar volgens de meteo zou het noodweer hoogstens een uurtje aanhouden.
Hij nodigde iedereen uit om ondertussen zijn excellente wijnen te savoureren.
Hij vroeg speciale aandacht voor zijn wijn ‘Terrasses du Larzac’
die met een vermelding in de wijnbijbel ‘Guide Hachette’
was opgenomen. Hij had het nog over de smaken van zoethout, peper en
rood fruit maar niemand luisterde meer. Het publiek, veel getatoeëerde
oudere rockers met grijze paardenstaarten en vrouwen in, voor hun leeftijd,
veel te korte denimrokjes, rukten op naar de plaats waar de glazen werden
gevuld. De ‘vigneron’ en zijn vrouw konden niet snel genoeg
inschenken. Sommigen hadden zo’n dorst dat ze de fles uit hun
handen rukten en aan de mond zetten. Zo savoureren rockers wijn! Na
een uurtje was het nog niet droog, de stemming begon er echter goed
in te komen. Na twee uur regende het nog even hard maar het publiek
vermaakte zich opperbest. De rockers maakten een kabaal dat horen en
zien je verging. Toen het na bijna vier uur nog steeds regende, werd
het concert en het diner officieel afgelast en was de wijnvoorraad in
de cave uitgeput. Zeker de helft van de aanwezigen kon niet meer op
de benen staan. Niemand had de Franse Elvis en zijn band gehoord of
gezien maar ik had niet de indruk dat iemand ze had gemist. Ik ben die
avond gelukkig goed thuis gekomen en dat dank ik aan mijn beschermengel
Elvis die me weer allerlei narigheid had bespaard. Op weg naar huis,
vlakbij het wijndomaine, kwam ik in een uitgebreide alcoholcontrole
terecht. Er stonden zeker tien gendarmes maar ik mocht zonder een blaastest
te doen, doorrijden. Later hoorde ik dat veel concertgangers de nacht
in hun auto hadden moeten doorbrengen omdat deze in de modder van de
gerooide wijngaard was blijven steken. De volgende dag moest een tractor
ze er uit trekken. Maar wat een herdenking had ik meegemaakt! Elvis
zou er van genoten hebben. Pure rock-‘n-roll! Ik denk dat ik dit jaar op 16 augustus toch maar ga jeu-de-boulen
met de oude knakkers uit mijn dorp.
door Marius van de Ven In ons dorp, Saint Martin de Villeréglan, staat een Klein monument. De mens en die er woonden waren niet rijk. Misschien ook hadden ze niet zo'n sterk patriottisch gevoel of waren ze te verdrietig om zich met een ambitieus gedenkteken bezig te houden. We weten het niet. Er om heen staat een hek. Binnen dat hek mogen alleen veteranen komen. De overheid en bedrijven stelden prospectussen samen waaruit communes een model konden kiezen. Dat was natuurlijk goedkoper, omdat ze in serie werden gemaakt, maar ook ontstond daardoor, bewust of onbewust, enige uniformiteit in vorm en taa1. Je mocht als commune ook zelf een ontwerp laten maken; dat moest dan door een departementale commissie worden goedgekeurd. Als men voor een verhaal koos, mocht dat natuurlijk niet
te realistisch zijn; geen zichtbare wonden, soldaten in het prikkeldraad,
muitende soldaten. Een stervende soldaat kon wel maar dan onder een
vlag of naast een doodskist. Koos men voor een symbool dan was dat meestal
een palmtak, die voor de overwinning en onsterfelijkheid staat, een
vrouw die de overwinning of het En de taa1. De taal van de rouw moest verheven zijn, passen bij het patriottisme van die tijd. De oorlog was niet zomaar een oorlog; het was de Grande Guerre, een heroïsche gebeurtenis, getekend door glorieuze veldslagen. Het waren de kinderen van Frankrijk, van het vaderland, die pour la patrie viel en op het veld van eer. Hun opoffering zou Frankrijk bevrijden. Nu, na die gewelddadige 20e eeuw, doen zulke woorden alleen nog vreemd en overdreven aan. De doden van de Tweede Wereldoorlog, Algerije en IndoChina worden niet meer zo herdacht. Het lijkt soms wel of hun namen per ongeluk op de monumenten terecht zijn gekomen. Vorm en taal, zeiden we, maar ook geld. In 1919 tekende
president Poincaré de Wet "betreffende de herdenking van
en eerbetoon aan de doden die voor Frankrijk gedurende de grote oorlog
zijn gevallen." De wet ging in eerste instantie om een bijdrage
in de kosten van een monument. Maar ook vanwege het Artikel 1. De namen van de strijdenden van de landmacht
en zeemacht die onder de plooien van het Franse Was getekend: R. Poincaré Dan worden in de loop van de jaren de monumenten onthuld.
Zomaar een krantenverslag uit 1928: En tenslotte: men wilde ook naar de toekomst kijken. Een
burgemeester, ook in 1929, praat ni et alleen Over dit alles valt veel meer te zeggen. We bereiden
een uitgebreide publlcatie voor en zijn u dankbaar als u foto s wilt
mailen. Adres: mariusven@orange.fr
|
|
door Adrien Vos De tocht naar de boerenmarkt in de Pyrenées-Orientales voerde
door kleine bergdorpjes en eindigde tenslotte hoog op een berg. De middagzon
brandde door de voorruit, de airco werkte op volle toeren. Zelfs op
1200 meter hoogte werden we door een klamme deken omwikkeld toen we
de auto op een wei achterlieten en het pad naar de boerderij op liepen.
De eerste van een rij kraampjes met boerenproducten dook op. Alles van
het varken; zelfgedraaide worsten, gedroogde hammen en voorverpakte
vleeswaren naast potjes leverpastei. Als je wat had gekocht mocht je
het in de koelkast van de varkensboer laten leggen tot het tijdstip
van de terugreis. Geiten kopen Verkoop aan huis
|
|||||||